**1..** De arbeidsduur per week van de ambtenaar van 56 jaar en ouder, die:
een ononderbroken diensttijd heeft van ten minste tien jaren, die direct voorafgaat aan de ingangsdatum van de vermindering van de arbeidsduur, waarbij een onderbreking van twee maanden of minder niet als onderbreking wordt aangemerkt, en,
geen betrekking vervult voor de vervulling waarvan een leeftijdsgrens is bepaald, wordt, tenzij het dienstbelang zich daartegen verzet, op zijn verzoek met 1/5 deel van de formele arbeidsduur teruggebracht, onder doorbetaling van 90% van de bezoldiging. De op grond van deze berekening vastgestelde seniorenarbeidsduur dient minimaal 7,2 uur per week te bedragen.
**2..** Onder diensttijd bedoeld in het vorige lid wordt verstaan de diensttijd als omschreven in artikel 2, tweede lid, onder de punten a tot en met c, van het FPU-reglement basis- en aanvullende uitkering.
**3..** In afwijking van het eerste lid geldt voor de ambtenaar, wiens functie is ingedeeld in salarisklasse 1:
een diensttijd van 2 jaar, waarbij in afwijking van het tweede lid het dienstverband doorgebracht in een banenpool meegerekend wordt, en,
een doorbetaling van 100% van de bezoldiging, indien de bezoldiging 120% van het wettelijk minimumuurloon of minder is en in de overige gevallen een doorbetaling van 90% van de bezoldiging met een minimum van 120% van het wettelijk minimumuurloon.
Hoofdstuk
Artikel 7.