Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk II

Artikel 8

Computer en internetverbinding

Onderdeel van Verordening Rechtspositie Wethouder, Raads- en Commissieleden

Op aanvraag wordt ten laste van de gemeente aan het raadslid voor de uitoefening van het raadslidmaatschap een computer, bijbehorende apparatuur en software in bruikleen ter beschikking gesteld. Indien geen computer, bijbehorende apparatuur en software ter beschikking is gesteld, verleent het college een raadslid voor de uitoefening van het raadslidmaatschap een tegemoetkoming van € 750,- voor: Aanschaf van een computer, bijbehorende apparatuur en software of Gebruik van een eigen computer, bijbehorende apparatuur en software. Voor zover er sprake is van een belastingheffing als gevolg van lid 1 en 2, ontvangt het raadslid ten laste van de gemeente op aanvraag per jaar een tegemoetkoming van 30% van de aanschafwaarde daarvan voor een periode van maximaal drie jaar. Daarbij wordt ten hoogste uitgegaan van de aanschafwaarde van de computer, bijbehorende apparatuur en software welke door het college aan raadsleden in bruikleen ter beschikking wordt gesteld. Op aanvraag stelt het college voor het raadslid een vergoeding beschikbaar voor de aanleg- en abonnementskosten voor de internetverbinding voor de in het eerste lid genoemde computerapparatuur. De hoogte van de vergoeding wordt door het college vastgesteld op advies van de afdeling Bedrijfsvoering en maandelijks uitbetaald. De hoogte van de vergoeding bedraagt € 180,- per jaar op het moment van vaststelling. Het raadslid ondertekent voor de bruikleen een bruikleenovereenkomst met de gemeente. Het college stelt het model van de bruikleenovereenkomst vast.

Rechtspraak bij dit artikel