**1..** Bij het vaststellen van het inkomen wordt in aanmerking genomen het inkomen dat met enige regelmaat wordt genoten, na aftrek van de over het bruto-inkomen verschuldigde belastingen, sociale verzekeringspremies en pensioenpremies.
**2..** Tot het inkomen wordt niet gerekend:
uitkeringen ingevolge de Algemene Kinderbijslagwet;
toeslagen van de Belastingdienst (zorgtoeslag, huurtoeslag, kinderopvangtoeslag, kindertoeslag);
uitkeringen en vergoedingen voor of tegemoetkomingen in specifieke kosten als vergoedingen voor bijzondere kosten ingevolge de Wet werk en bijstand, de Wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen of de Wet Maatschappelijke Ondersteuning;
inkomsten uit onderhuur en inkomsten in verband met het houden van een kostganger;
het bedrag van de vakantie-uitkering overeenkomstig de Wet werk en bijstand vast te stellen, mits het vakantiegeld onderdeel uitmaakt van de periodiek te ontvangen inkomsten;
premies ingevolge de Re-integratieverordening Wet werk en bijstand 2004 gemeente Laarbeek en de bijbehorende Uitvoeringsregels.
**3..** Het aldus berekende inkomen wordt afgezet tegenover het onder artikel 1, sub g bedoelde norminkomen. Bij een overschrijding bestaat geen recht op een vergoeding en wordt op grond van het inkomen afgewezen.
HOOFDSTUK 4
Artikel 5.
Het inkomen van de aanvrager
Onderdeel van Verordening Bijdrageregeling Welzijnsactiviteiten 2012 gemeente Laarbeek