Naar hoofdinhoud

Artikel 4.

Uitgaven ten laste van het parkeerfonds

Onderdeel van Reglement van het Parkeerfonds

In de onderstaande prioriteitsvolgorde zullen ten laste van het fonds de volgende uitgaven worden gedaan: Uitgaven ten behoeve van de nakoming van de verplichtingen, voortvloeiende uit de onder artikel 3 sub a. bedoelde overeenkomsten. Bijdragen ter afdekking van een gedeelte van de investeringskosten van nog te bouwen (multi-functionele) wijkparkeergarages in het kader van het Meerjarenbouwprogramma. Bijdragen ter afdekking van het niet door subsidie van de minister van Verkeer en Waterstaat afgedekte aandeel van de stichtingskosten van zgn. ‘Park and Ride (Parkeer en Reis)’-voorzieningen/transferia. Bijdragen in de investeringskosten van voorzieningen voor het parkeren of stallen van fietsen. Bijdragen in de kosten van het voorzien in parkeergelegenheid anders dan bedoeld onder a, b en c, passende binnen het raam van het gemeentelijk verkeersbeleid, zoals dat is vastgesteld door de gemeenteraad. Bijdragen aan onderzoek in het kader van de ontwikkeling van complexe parkeervoorzieningen en onderzoek op het gebied van strategisch beleid. Te allen tijde dient een bedrag van ten minste f 1.000.000,- (één miljoen gulden) in het fonds behouden te blijven, waarover door de gemeenteraad niet anders beschikt kan worden dan ten behoeve van de uitgaven bedoeld onder a., dan wel waaruit door de directeur van de dienst Stedebouw + Volkshuisvesting ambtshalve terugbetaling wordt verricht van gelden, betaald vooruitlopend op het sluiten van een overeenkomst als bedoeld in artikel 3 sub a. indien en voorzoveel deze overeenkomst niet tot stand mocht komen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel