Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 2.

Opdrachtverlening accountantscontrole

Onderdeel van Controleverordening 2012

1.. De accountantscontrole wordt opgedragen aan een door de raad te benoemen accountant. De benoeming van de accountant geschiedt in beginsel voor een periode van vier jaar. 2.. De werkgroep accountant bereidt de aanbesteding van de accountantscontrole voor. 3.. De raad stelt voor de aanbesteding/opdrachtverstrekking van de accountantscontrole een controleprotocol vast. In het controleprotocol kunnen voor de jaarlijkse accountantscontrole worden opgenomen: de toe te passen goedkeuringstoleranties (en afwijkende rapporteringtoleranties) bij de controle van de jaarrekening; de apart te controleren deelverantwoordingen en de daarbij toe te passen omvangsbases en goedkeuringstoleranties (en afwijkende rapporteringtoleranties); de inrichtingseisen voor het verslag van bevindingen; de eventueel aanvullende uit te voeren tussentijdse controles; de frequentie en inrichtingseisen van de aanvullende tussentijdse rapportering; de posten van de jaarrekening en deelverantwoordingen met bijbehorende afwijkende rapporteringtoleranties, waaraan de accountant bij zijn controle specifiek aandacht dient te besteden; de gemeentelijke producten en of organisatieonderdelen met bijbehorende afwijkende rapporteringtoleranties, waaraan de accountant bij zijn controle specifiek aandacht dient te besteden. 4.. Het gestelde in lid 3 kan door de raad of de werkgroep accountant jaarlijks voorafgaand aan de accountantscontrole in overleg met de accountant nader vastgesteld, bijgesteld of ingevuld worden. 5.. In geval van Europese aanbesteding van de accountantscontrole stelt de raad voor de selectie van de accountant de selectiecriteria vast en per selectiecriterium de bijbehorende weging vast.

Rechtspraak bij dit artikel