**1..** Een persoon met beperkingen kan voor de in artikel 27 onderdeel b vermelde voorziening in aanmerking worden gebracht indien:
aantoonbare beperkingen het gebruik en/of het bereiken van het openbaar vervoer onmogelijk maken;
het gebruik van een algemene voorziening als bedoeld in artikel 27 onderdeel a geen compenserende oplossing biedt of niet beschikbaar is.
**2..** Een persoon met beperkingen kan voor de in artikel 27 onderdeel c tot en met j vermelde voorzieningen in aanmerking worden gebracht indien:
**a..** aantoonbare beperkingen het gebruik en/of het bereiken van het openbaar vervoer onmogelijk maken;
**b..** het gebruik van een algemene voorziening als bedoeld in artikel 27 onderdeel a geen compenserende oplossing biedt of niet beschikbaar is, en;
**c..** het gebruik van een collectieve vervoersvoorziening als bedoeld in artikel 27 onderdeel b niet mogelijk is.
**3..** In afwijking van lid 2 kunnen de in artikel 27 onderdeel f, g, h en i vermelde voorzieningen in aanvulling op de collectieve vervoersvoorziening worden verstrekt, indien sprake is van uiterst beperkte mobiliteit.
Hoofdstuk 5.
Artikel 30
Het recht op individuele vervoersvoorzieningen en het primaat van de algemene voorziening
Onderdeel van Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Gennep 2012