Naar hoofdinhoud

Artikel 10

Opheffing automatische incasso door Gemeentebelastingen

Onderdeel van Incassoreglement gemeentelijke heffingen 2010

1.. Indien geen automatische incasso kan plaatsvinden zonder dat sprake is van een opdracht tot terugstorting door de belastingschuldige, geeft de Invorderingsambtenaar de belastingschuldige schriftelijk te kennen dat het betreffende bedrag bij de volgende termijn door middel van automatische incasso zal worden geïncasseerd. 2.. Indien gedurende twee al dan niet opeenvolgende termijnen geen automatische incasso kan plaatsvinden, wordt de belastingschuldige schriftelijk kenbaar gemaakt dat de automatische incasso per direct zal worden opgeheven en dat het resterende invorderbare bedrag ter zake van alle vorderingen van binnen één week na dagtekening dient te worden voldaan. Dit geldt ook voor situaties waarin de verstrekte machtiging een niet-bestaand rekeningnummer, een geblokkeerd rekeningnummer of een beëindigd rekeningnummer betreft. 3.. Indien gedurende de laatste betalingstermijn geen automatische incasso kan plaatsvinden, wordt de belastingschuldige schriftelijk te kennen gegeven dat de automatische incasso per direct zal worden opgeheven en dat het resterende invorderbare bedrag ter zake van alle vorderingen binnen één week na dagtekening dient te worden voldaan. 4.. Indien de belastingschuldige surséance van betaling heeft aangevraagd, in staat van faillissement is gesteld, naar het buitenland vertrekt of dreigt te vertrekken, of indien er anderszins omstandigheden worden geconstateerd die een regelmatig verloop van de incasso zouden kunnen belemmeren, geeft de Invorderingsabtenaar de belastingschuldige schriftelijk te kennen dat de automatische incasso per direct zal worden opgeheven en dat het resterende invorderbare bedrag ter zake van alle vorderingen terstond dienen te worden voldaan.

Rechtspraak bij dit artikel