Een spreker mag in zijn betoog niet worden gestoord,
tenzij:
de voorzitter het nodig oordeelt hem aan het opvolgen van
deze verordening te herinneren;
een lid hem interrumpeert. De voorzitter kan bepalen dat de
spreker zonder verdere interrupties zijn betoog zal
afronden.
Indien een spreker zich beledigende of onbetamelijke
uitdrukkingen veroorlooft, afwijkt van het in
behandeling zijnde onderwerp, een andere spreker herhaaldelijk
interrumpeert, dan wel anderszins de orde verstoort, wordt hij door
de voorzitter tot de orde geroepen. Indien de spreker hieraan geen
gevolg geeft, kan de voorzitter hem gedurende de vergadering, waarin
zulks plaats heeft, over het aanhangige onderwerp het woord
ontzeggen.
De voorzitter kan ter handhaving van de orde de vergadering
voor een door hem te bepalen tijd
schorsen en - indien na de heropening de orde opnieuw wordt
verstoord - de vergadering sluiten.
De voorzitter kan een raadscommissie voorstellen aan een lid
dat door zijn gedragingen de
geregelde gang van zaken belemmert, het verdere verblijf in
de vergadering te ontzeggen.
Over het voorstel wordt niet beraadslaagd. Na aanneming
daarvan verlaat het lid de vergadering
onmiddellijk. Zo nodig doet de voorzitter hem verwijderen. Bij
herhaling van zijn gedrag kan het lid bovendien voor ten hoogste
drie maanden de toegang tot de vergadering worden ontzegd.
HOOFDSTUK 4 › PARAGRAAF 2
Artikel 22
Handhaving orde; schorsing
Onderdeel van Verordening op de raadscommissies gemeente Capelle aan den IJssel 2007