Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2

Artikel 6

Zittingsduur en vacatures

Onderdeel van Verordening op de raadscommissies gemeente Capelle aan den IJssel 2007

1.. De zittingsperiode van een lid, de voorzitter en hun plaatsvervangers eindigt in ieder geval aan het einde van de zittingsperiode van de raad. 2.. Een lid en zijn plaatsvervanger houden op lid te zijn van een raadscommissie indien zij niet meer voldoen aan de in artikel 4, vierde lid, gestelde eisen. 3.. Het fractievoorzittersoverleg kan een lid tussentijds ontslaan op voorstel van de fractie op wiens voordracht het lid is benoemd. 4.. De raad kan de voorzitter ontslaan. 5.. Een lid, de voorzitter en hun plaatsvervangers kunnen te allen tijde ontslag nemen. Zij doen daarvan schriftelijk mededeling aan de raad. Het ontslag gaat een maand na de schriftelijke mededeling in of zoveel eerder als hun opvolger is benoemd. 6.. Indien door overlijden of ontslag tussentijds een vacature als lid ontstaat, beslist het fractievoorzittersoverleg zo spoedig mogelijk over de vervulling daarvan met inachtneming van artikelen 4 en 5. 7.. Indien een fractie blijkens een schriftelijke verklaring aan de voorzitter van de raad niet langer vertegenwoordigd is in de raad, vervalt het lidmaatschap van het lid dat op voordracht van die fractie is benoemd, van rechtswege.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel