Naar hoofdinhoud

Artikel 8.

Intrekken van de omgevingsvergunning

Onderdeel van Huisvestingsverordening Roermond

Het college kan de omgevingsvergunning intrekken indien: blijkt dat deze ten gevolge van een onjuiste of onvolledige opgave is verleend; blijkt dat vergunninghouder niet heeft voldaan aan een voorschrift als bedoeld in artikel 6; vergunninghouder één jaar na het onherroepelijk worden van de omgevingsvergunning daarvan nog geen gebruik heeft gemaakt; vaststaat of redelijkerwijs moet worden aangenomen dat handhaving van de omgevingsvergunning zou leiden tot een verstoring van de openbare orde, veiligheid of gezondheid, dan wel een verstoring van een geordend woon- en leefklimaat in de omgeving van het gebouw waarop de omgevingsvergunning betrekking heeft.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel