Naar hoofdinhoud

Artikel 3

Hoogte van de langdurigheidstoeslag

Onderdeel van Verordening langdurigheidstoeslag Wet werk en bijstand

1.. De langdurigheidstoeslag bedraagt per jaar: voor gehuwden: 38,56% van de gehuwdennorm voor een alleenstaande ouder 34,59% van de gehuwdennorm voor een alleenstaande 27,05% van de gehuwdennorm. 2.. Voor de toepassing van het eerste lid is de situatie van de rechthebbende op de peildatum bepalend. 3.. Indien een van de gehuwden op de peildatum is uitgesloten van het recht op langdurigheidstoeslag ingevolge de artikelen 11 of 13, eerste lid van de wet, komt de rechthebbende echtgenoot in aanmerking voor een langdurigheidstoeslag naar de hoogte die voor hem als alleenstaande of alleenstaande ouder zou gelden. 4.. De hoogte van de gehuwdennorm onder lid 1 is het bedrag dat van toepassing is op 1 januari van het kalenderjaar waarin de peildatum valt, de procentuele berekening wordt naar boven afgerond op hele euro’s.

Rechtspraak bij dit artikel