Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 22

Premie aanvaarding algemeen geaccepteerde deeltijdarbeid

Onderdeel van Reïntegratieverordening

1.. De uitkeringsgerechtigde die algemeen geaccepteerde arbeid in deeltijd verricht of aanvaardt of als zelfstandige activiteiten is gaan ontplooien, waarbij het inkomen minder bedraagt dan de van toepassing zijnde bijstandsnorm, heeft gedurende maximaal achttien aaneengesloten maanden recht op een premie. 2.. De toepassing van lid 1 gaat in aansluitend op de periode waarbinnen een recht op vrijlating van part-time inkomsten krachtens de WWB verstreken is. 3.. De premie bedraagt de eerste aaneengesloten zes maanden 25% van de verworven inkomsten met een maximum van € 165,--per maand en 12,5% met een maximum van€ 165,-- per maand gedurende de daarop volgende periode van twaalf aaneengesloten maanden. 4.. De premie wordt in de maand december over het dan geldende kalenderjaar betaalbaar gesteld dan wel binnen twee maanden na beëindiging van de uitkering. 5.. Artikel 21 lid 4 tot en met 7 is van overeenkomstige toepassing. 6.. De uitkeringsgerechtigde, waarbij toepassing is gegeven aan art. 25, lid 1 van deze verordening heeft over die periode niet gelijktijdig recht op een premie zoals is bedoeld in het eerste lid van dit artikel.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel