Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2.3

– Overige vergoedingen

Onderdeel van Verordening Inburgering Deurne 2012

1.. Het college kan een vergoeding verstrekken voor kosten die gemaakt zijn in het kader van inburgering indien er geen voorliggende voorziening voorhanden is. 2.. Een eventuele vergoeding wordt vastgesteld op de goedkoopste adequate voorziening. 3.. Wanneer het inkomen van de inburgeringsplichtige hoger is dan de in aanmerking te nemen middelen voor draagkracht op grond van richtlijn B137 van de Beleidsregels WWB wordt geen vergoeding verstrekt. 4.. Voor het bepalen van een draagkracht is richtlijn B063 van de Beleidsregels WWB van overeenkomstige toepassing. 5.. Een reiskostenvergoeding wordt niet toegekend tenzij er een medische noodzaak is dat de inburgeringsplichtige zich niet met een fiets kan vervoeren. Een medische noodzaak wordt aangetoond middels een advies van de GGD.

Rechtspraak bij dit artikel