1. Een medewerker heeft overeenkomstig artikel 6:2 CAR recht op ten minste 158,4 uren vakantieverlof per kalenderjaar.
2. Een medewerker die vóór 1 januari 2011 in dienst is getreden heeft, in afwijking van het bepaalde in het eerste lid, recht op ten minste 165,6 uren vakantieverlof per kalenderjaar.
3. Voor de medewerker die is aangesteld voor een arbeidsduur van minder dan 36 uur per week geldt een naar evenredigheid lager aantal uren als maximum. .
4. Afronding van het verlof geschiedt op 2 cijfers achter de komma volgens de gebruikelijke rekenregels.
5. In het geval een medewerker ziek is op een verlofdag wordt het verlof als niet genoten beschouwd.