Naar hoofdinhoud

hoofdstuk 2 › paragraaf 2.2

Artikel 23

subsidiabele kosten

Onderdeel van Subsidieverordening stedelijke vernieuwing Gouda 2011

1.. Tot de in artikel 22 genoemde subsidiabele kosten behoren in ieder geval: ► de bouwkosten; ► de risicoverrekening van loon- en materiaalprijsstijgingen; ► het honorarium van de architect, de kosten van het dagelijks toezicht, de aanbestedingskosten en de kosten van de constructeur volgens geldend adviseurstarief, met een maximum van 10% van de goedgekeurde subsidiabele kosten; ► de legeskosten voor de omgevingsvergunning en de kosten voor eventuele andere vereiste vergunningen; ► de verschuldigde omzetbelasting. Niet voor subsidie komen in aanmerking d kosten van voorzieningen genoemd in in het eerste lid die worden gerekend tot regulier onderhoud. De subsidieaanvrager kan, met een door het college daartoe beschikbaar te stellen formulier, verzoeken tot de subsidiabele kosten genoemd in het eerste lid te rekenen de kosten wegens onvermijdelijk en onvoorzien meerwerk of de kosten ten gevolge van onvermijdelijke en onvoorziene wijzigingen in het treffen van de voorzieningen. Indien werkzaamheden waarvan de kosten vallen onder de het eerste lid genoemde subsidiabele kosten, in zelfwerkzaamheid worden verricht dan behoren bij de berekening van de in artikel 22 genoemde subsidiabele kosten in ieder geval de volgende kosten: ► het honorarium van de architect, de kosten van het dagelijks toezicht, de aanbestedingskosten en de kosten van de constructeur, met een maximum van 10% van de goedgekeurde subsidiabele kosten; ► de legeskosten voor de bouwvergunning en de kosten voor eventuele andere vereiste vergunningen; ► de materiaalkosten.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel