**1..** Tot de in artikel 28 genoemde subsidiabele kosten behoren:
► de bouwkosten;
► de risicoverrekening van loon- en
materiaalprijsstijgingen;
► het honorarium van de architect, de kosten van het dagelijks
toezicht, de aanbestedingskosten en de kosten van de
constructeur volgens geldend adviseurstarief, met een maximum
van 10% van de goedgekeurde subsidiabele kosten;
► de legeskosten voor de omgevingsvergunning en de kosten voor
eventuele andere vereiste vergunningen;
► de verschuldigde omzetbelasting.
**2..** Niet voor subsidie komen in aanmerking de kosten van
voorzieningen genoemd in het eerste lid die worden gerekend tot
regulier onderhoud.
**3..** De subsidieaanvrager kan, met een door het college daartoe
beschikbaar te stellen formulier, verzoeken tot de subsidiabele
kosten genoemd in het eerste lid te rekenen de kosten wegens
onvermijdelijk en onvoorzien meerwerk of de kosten ten gevolge
van onvermijdelijke en onvoorziene wijzigingen in het treffen
van de voorzieningen.
**4..** Indien werkzaamheden waarvan de kosten vallen onder de het
eerste lid genoemde subsidiabele kosten, in zelfwerkzaamheid
worden verricht dan behoren bij de berekening van de in artikel
29 genoemde subsidiabele kosten in ieder geval de volgende
kosten:
► het honorarium van de architect, de kosten van het dagelijks
toezicht, de aanbestedingskosten en de kosten van de
constructeur, met een maximum van 10% van de goedgekeurde
subsidiabele kosten;
► de legeskosten voor de bouwvergunning en de kosten voor
eventuele andere vereiste vergunningen;
► de materiaalkosten.
hoofdstuk 2 › Paragraaf 2.3
Artikel 29
subsidiabele kosten
Onderdeel van Subsidieverordening stedelijke vernieuwing Gouda 2011