Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Afdeling 11

Artikel 2:58

Verontreiniging door honden

Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening De Bilt 2009

Bij het uitlaten of wandelen met honden op een openbare plaats binnen de bebouwde kom is de eigenaar of houder van een hond verplicht: a. er voor te zorgen dat uitwerpselen van hun hond(en) direct worden opgeruimd. Deze bepaling is niet van toepassing voor de eigenaar of houder van een geleidehond of hulphond; b. een schepje of zakje bij zich te dragen om de uitwerpselen op ruimen; het onder b bedoelde schepje of zakje op eerste vordering van een ambtenaar belast met de zorg voor de naleving van dit artikel, aan deze ambtenaar te tonen. Het college kan gebieden aanwijzen (de zogenaamde losloopgebieden) waar het in het eerste lid onder a. opgenomen gebod niet geldt. 3.De strafbaarheid wegens overtreding van het in het eerste lid gestelde gebod wordt opgeheven indien de eigenaar of houder van de hond er zorg voor draagt dat de uitwerpselen onmiddellijk worden verwijderd.

Rechtspraak bij dit artikel