De functioneel beheerder voorziet in:
de communicatie bij storingen in hard- en software;
een bijdrage aan het oplossen van storingen binnen het toepassingssysteem;
maatregelen om de gevolgen van verkeerd uitgevoerde systematische verstrekkingen ongedaan te maken;
de bijhouding van een logboek waarin problemen, klachten en bijzondere gebeurtenissen worden bijgehouden;
de coördinatie van de werkzaamheden in geval van uitwijk;
het halfjaarlijks testen van de uitwijk en restore;
de rechtstreekse toegang tot de basisadministratie persoonsgegevens van hiertoe bevoegde binnengemeentelijke afnemers;
de toekenning en schriftelijke vastlegging van de autorisatieniveau's die aan gegevensverwerkers zijn toegewezen;
de bijhouding van een verzameling van de autorisaties die zijn toegekend voor gegevensverwerking en rechtstreekse toegang;
de logging van:
medewerkers die gegevens raadplegen;
medewerkers die gegevens muteren.
melding van inbreuken op de informatiebeveiliging aan de informatiebeheerder;
het testen en evalueren van nieuwe versies van het toepassingssysteem, alsmede het testen en evalueren van nieuwe apparatuur;
de beoordeling van de gevolgen van de installatie van nieuwe en of gewijzigde versies van het toepassingssysteem;
de voorlichting aan de gegevensverwerkers met betrekking tot de gevolgen van een nieuwe of gewijzigde versie van het toepassingssysteem;
de vormgeving en inhoud van documenten, die rechtstreeks aan de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens worden ontleend;
de afhandeling van verzoeken om managementgegevens.
HOOFDSTUK 6
Artikel 20
Artikel 20
Onderdeel van Beheerregel gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens 2010