Naar hoofdinhoud

Artikel 2

Voorwaarden en uitsluitingen

Onderdeel van Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Zeist 2011

1. Er bestaat slechts aanspraak op een voorziening als: a. deze langdurig noodzakelijk is om de beperkingen op het gebied van maatschappelijke participatie te compenseren; b. deze, naar objectieve maatstaven gemeten, als de goedkoopst compenserende voorziening kan worden aangemerkt; c. deze in overwegende mate op het individu is gericht. 2. Geen recht op een voorziening bestaat voor zover : a. bij of krachtens enige andere wettelijke regeling aanspraak op de voorziening bestaat; b. de voorziening voor een persoon als de aanvrager algemeen gebruikelijk is; c. de aanvrager niet woonachtig is in de gemeente Zeist; d. er aan de zijde van de aanvrager geen sprake is van aantoonbare meerkosten in vergelijking met de situatie voorafgaand aan het optreden van de beperkingen waarvoor de voorziening wordt aangevraagd; e. de aanvraag betrekking heeft op kosten die de aanvrager voorafgaand aan het moment van beschikken heeft gemaakt; f. de voorziening waarop de aanvraag betrekking heeft eerder krachtens deze, de aan deze verordening voorafgaande Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Zeist 2007 of één aan deze verordening voorafgaande Verordening voorzieningen gehandicapten is verstrekt en de normale afschrijvingstermijn van de voorziening nog niet is verstreken. Dit tenzij de eerder vergoede of versterkte voorziening verloren is gegaan als gevolg van omstandigheden die niet aan de aanvrager zijn toe te rekenen. 3. Het bepaalde in artikel 2 lid 1 onder b en c is niet van toepassing op hoofdstuk 3 van deze verordening.

Rechtspraak bij dit artikel