De jaarlijkse subsidie voor plaatselijk overkoepelende organisaties wordt als volgt berekend:
Een basisbedrag van € 4.212;
Een bedrag per aangesloten jeugdvereniging van € 1.053.
De jaarlijkse subsidie voor hobbyverenigingen wordt als volgt berekend:
Een basisbedrag van € 555;
Een bedrag per contribuerend jeugdlid van € 3,50.
De jaarlijkse subsidie voor verenigingen voor kindervakantiewerk wordt als volgt berekend:
Een basisbedrag van € 3.867;
Een bedrag per betalende deelnemer van € 4.
De jaarlijkse subsidie voor scoutingverenigingen wordt als volgt berekend:
Een basisbedrag van € 6.115;
Een bedrag per speltak (leeftijd 4 t/m 22 jaar) van € 470;
Een bedrag per contribuerend jeugdlid van € 30,96.
De jaarlijkse subsidie voor speeltuinverenigingen wordt als volgt berekend:
Een basisbedrag van € 9.492;
Een bedrag per contribuerend lid van € 13,57.
Verenigingen die in het kader van deze deelverordening subsidie ontvangen en die worden geconfronteerd met bijzondere kosten kunnen in aanmerking komen voor een aanvullende subsidie indien het college dit aangewezen acht.
Het ijkjaar voor het bepalen van het ledenaantal is het jaar waarin de aanvraag om subsidie is ingediend ingevolge artikel 8 van de Algemene subsidieverordening.
Voor verenigingen waarmee ten tijde van de inwerkingtreding van deze deelverordening al een subsidierelatie bestond, geldt het volgende:
Indien het subsidiebedrag per jaar voor de inwerkingtreding van deze deelverordening afwijkt van het subsidiebedrag dat volgt uit de in het van toepassing zijnde lid (1 t/m 5) van dit artikel opgenomen berekeningswijze, geldt in afwijking van het in dat lid bepaalde dat gedurende drie jaren een verevening wordt toegepast bij de berekening van het bedrag van de jaarlijkse subsidie.