Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2

Artikel 22

Vergoeding bij vermogensvorming

Onderdeel van Het vaststellen van de gewijzigde Algemene Subsidieverordening (ASV)

Een instelling dient het college onmiddellijk schriftelijk op de hoogte te stellen van het voornemen tot ontbinding, het staken van haar activiteiten en/of het niet meer functioneren overeenkomstig haar doelstellingen. Indien het verstrekken van subsidie heeft geleid tot vermogensvorming, is de subsidieontvanger in de in artikel 4:41 lid 2 van de Algemene wet bestuursrecht genoemde gevallen daarvoor een vergoeding verschuldigd aan het bestuursorgaan. De hoogte van de vergoeding wordt bepaald aan de hand van de waarde van de goederen en andere vermogensbestanddelen op het tijdstip waarop de vergoeding verschuldigd wordt, met dien verstande dat in geval van ontvangst van een schadevergoeding voor verlies of beschadiging van zaken wordt uitgegaan van het bedrag dat als schadevergoeding door de subsidieontvanger wordt ontvangen. 3.Indien het onroerende zaken betreft, geschiedt de waardebepaling door een onafhankelijke deskundige, aangewezen door het college. 4.Dit artikel is niet van toepassing in die gevallen, waarin de activiteiten door een derde worden voortgezet en activa en passiva met toestemming van het college aan die derde worden overgedragen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel