• - De toeslag als bedoeld in artikel 25, eerste lid van de wet bedraagt 20%van de gehuwdennorm voor de alleenstaande en alleenstaande ouder in wiens woning geen ander zijn hoofdverblijf heeft en die derhalve de noodzakelijke kosten van het bestaan niet kan delen.
  • - De toeslag als bedoeld in artikel 25, eerste lid van de wet bedraagt 10% van de gehuwdennorm voor de alleenstaande en alleenstaande ouder in wiens woning een ander zijn hoofdverblijf heeft en die derhalve de noodzakelijke kosten van het bestaan kan delen.
  • - Voor de toepassing van dit artikel worden de volgende personen niet in aanmerking genomen als een ander die in dezelfde woning zijn hoofdverblijf heeft:
    • - kinderen van 18 jaar en ouder met een inkomen lager dan 50% van de gehuwdennorm;
    • - verzorgingsbehoevenden en verzorgenden tussen wie een eerste– of tweedegraads bloedverwantschap bestaat;
    • - asielzoekers met een verstrekking als bedoeld in artikel 3 van de Regeling toekenning bevoegdheid aan COA tot uitsluiting bepaalde categorieën asielzoekers van verstrekkingen Rva 1997.
  • - Een dak- of thuisloze heeft geen recht op een toeslag.