Indien na de sanering verontreiniging in de bodem aanwezig is gebleven en in het saneringsverslag is aangegeven dat beperkingen in het gebruik van de bodem of maatregelen noodzakelijk zijn, wordt tegelijk met het saneringsverslag als bedoeld in artikel 2.7 of uiterlijk acht weken na de dag waarop met het saneringsverslag is ingestemd, het nazorgplan ingediend.
In aanvulling op de wet kan het bevoegd gezag Wbb nadere regels stellen waar een nazorgplan aan moet voldoen. Deze nadere voorschriften zijn limitatief weergegeven op het betreffende onderdeel van het meldingsformulier.