De marktmeester is verplicht des Donderdags, van des voormiddags 10 uur tot des namiddags 20.00 uur op het Kaasmarktplein ter beschikking te zijn tot het aanwijzen van de ruimte, welke door elken aanvoerder van kaas, met inachtneming van het bepaalde bij artikel 3, mag worden ingenomen. Gedurende dezen tijd is hij tevens belast met het politietoezicht over de op het marktplein nedergelegde kaas. Hij mag het marktplein niet verlaten zonder zich overtuigd te hebben, dat de agent van politie of bewaker die met het toezicht op het marktplein gedurende den nacht zal zijn belast, ter plaatse is aangekomen.
Des Vrijdags is de marktmeester tot het uitoefenen van zijne werkzaamheden op het marktplein aanwezig: gedurende de maanden: Mei, Juni, Julie en Augustus des voormiddags ten 5 uur.
Maart, April, September en October, des voormiddags ten 6 uur.
Januari, Februari, November en December, des voormiddags ten 7 uur.
Hij mag zich dan eerst van het marktplein verwijderen als de markt geheel is afgeloopen en zijne tegenwoordigheid, naar het oordeel van den Directeur van het Marktwezen of van dengeen die dezen vervangt, niet meer noodig is.