1.
In deze uitvoeringsregeling wordt verstaan onder:
a.
welzijn:
het gebied van maatschappelijke dienstverlening, maatschappelijke activering, maatschappelijke opvang en bestrijding van armoede en sociaal isolement;
b.
product:
een concreet en meetbaar voortbrengsel van het handelen van een subsidieontvanger;
c.
activiteit: een concrete
en meetbare tijdsbesteding van een subsidieontvanger;
d
bestemmingsreserve:
een afgezonderd deel van het vermogen dat een beperkte bestedingsmogelijkheid kent die door het bestuur van de subsidieontvanger wordt bepaald;
e.
voorzieningen:
verplichtingen en verliezen waarvan de omvang op de balansdatum onzeker is, doch redelijkerwijs in te schatten;
-
op de balansdatum bestaande risico’s ter zake van bepaalde te verwachten verplichtingen of verliezen waarvan de omvang redelijkerwijs is in te schatten;
-
kosten welke in een volgend boekjaar zullen worden gemaakt, mits het maken van deze kosten zijn oorsprong vindt in het boekjaar of een voorafgaand boekjaar en de voorziening strekt tot gelijkmatige verdeling van lasten over een aantal boekjaren;
f.
SoZaWe:
de dienst Sociale Zaken en Werkgelegenheid Rotterdam;
g.
project:
een in tijd en omvang afgebakend geheel van activiteiten;
h.
projectsubsidie:
subsidie, bestemd voor een project;
i.
hoofdfinancier:
de subsidieverstrekker die, in geval van meerdere financieringsbronnen, ten minste 50 % van het totale subsidiebudget verstrekt voor hetzelfde doel of hetzelfde project;
j.
Awb:
de Algemene wet bestuursrecht;
k.
VAS:
de Rotterdamse Verordening algemene subsidievoorwaarden 2001 (Gemeenteblad 2001-96)
l.
Uitvoeringsregeling
de Uitvoeringsregeling subsidies stedelijk welzijn;
m.
het bestuursorgaan:
het college van Burgemeester en Wethouders.
2.
De begripsbepalingen uit de VAS en de Awb hebben dezelfde inhoud en betekenis in deze Uitvoeringsregeling.
Hoofdstuk 1
Artikel 1
Begripsbepalingen
Onderdeel van Uitvoeringsregeling subsidies stedelijk welzijn