**10.1.** De ontvanger van de subsidie dient binnen acht weken na de datum waarop de feitelijke saneringswerkzaamheden zijn afgerond, zoals vermeld in het schriftelijk verslag van de uitvoering van de sanering, bij het College een aanvraag in tot vaststelling van de subsidie, met behulp van een door het College vastgesteld en ter beschikking gesteld aanvraagformulier.
**10.2.** In geval de uitvoering van de sanering van het bedrijfsterrein overeenkomstig het bepaalde in artikel 38 lid 4 Wbb in fasen geschiedt, en de ontvanger van de subsidie overeenkomstig het bepaalde in artikel 9.4 de mogelijkheid is geboden een aanvraag tot vaststelling van de subsidie in te dienen wanneer een of meer fasen van de sanering zijn voltooid maar niet de volledige sanering is voltooid, dient de ontvanger van de subsidie binnen acht weken na de datum waarop de feitelijke saneringswerkzaamheden met betrekking tot de fase van de sanering die in het kader van het bepaalde in artikel 7.5 bij de bepaling van de hoogte van de subsidie als laatste dient te worden meegerekend zijn afgerond, zoals vermeld in het schriftelijk verslag van de uitvoering van de sanering, bij het College een aanvraag in tot vaststelling van de subsidie, met behulp van een door het College vastgesteld en ter beschikking gesteld aanvraagformulier.
**10.3.** De in de artikelen 10.1 en 10.2 bedoelde aanvraag tot vaststelling van de subsidie bevat in ieder geval:
de naam en het adres van de aanvrager;
de dagtekening;
een aanduiding van de beschikking die gevraagd wordt;
een schriftelijk verslag van de uitvoering van de (fase(n) van de) sanering in het geval waaruit blijkt dat de sanering is uitgevoerd en afgerond overeenkomstig het saneringsplan, zoals bedoeld in artikel 9.2, onder d.,
een financieel verslag ter zake van de daadwerkelijk met de (fase(n) van de) sanering verbonden netto-saneringskosten en een aan dit financieel verslag gehechte verklaring omtrent de rechtmatigheid en de getrouwheid, zoals bedoeld in artikel 9.2, onder e.,
minimaal twee concurrerende offertes van aannemers in het geval de netto-saneringskosten op een tijdstip gelegen direct vóór de aanvang van de uitvoering van de (fase(n) van de) sanering in totaal op een bedrag gelijk aan of minder dan € 50.000,- werden geraamd, dan wel minimaal drie concurrerende offertes van aannemers in het geval de netto-saneringskosten op bedoeld tijdstip in totaal op een bedrag hoger dan € 50.000,- werden geraamd, waarbij steeds heeft te gelden dat een schriftelijke motivering dient te worden bijgevoegd indien bij de uitvoering van de (fase(n) van de sanering van het bedrijfsterrein niet is gekozen voor de goedkoopste offerte, zoals bedoeld in artikel 9.2, onder f.,
een verklaring van de milieukundige begeleider en de directievoerder inhoudende dat de netto-saneringskosten doelmatig zijn besteed, zoals bedoeld in artikel 9.2, onder g.
HOOFDSTUK IV
Artikel 10
De aanvraag tot vaststelling van de subsidie
Onderdeel van Uitvoeringsregeling subsidies Bedrijvenregeling Rotterdam