Naar hoofdinhoud

Artikel VII.

De voorzitter van de Gemeenteraad.

Onderdeel van Gedragscode gemeenteraad Rotterdam

De voorzitter van de Gemeenteraad heeft een eigen rol ten aanzien van de gedragingen van de raadsleden. Indien een vermoeden bestaat dat een raadslid een bepaling van de code overtreedt, stelt de voorzitter, hetzij uit eigen beweging, hetzij op verzoek van leden van de Gemeenteraad, een onderzoek in. De voorzitter bespreekt de kwestie met betrokkene. Waar dit niet het gewenste effect heeft, legt de voorzitter de kwestie voor aan de desbetreffende fractievoorzitter (danwel vice-fractievoorzitter). Treedt er geen verandering op in de handelingen van het gewraakte raadslid, dan informeert de voorzitter het presidium van de gemeenteraad. De overige leden van de Gemeenteraad hebben de plicht om bij overtreding van de code door de voorzitter – in diens rol als voorzitter van de raad - de zaak aanhangig te maken in het presidium.

Rechtspraak bij dit artikel