werkgever
Indien in het kader van een eerdere loonkostensubsidieregeling (waarop het overgangsrecht van toepassing is) een subsidie voor scholingskosten is verstrekt, dient voor de bepaling van het maximale bedrag aan subsidie zoals bedoeld in het tweede en derde lid deze eerdere verstrekking in mindering te worden gebracht.
De aanvraag dient uiterlijk binnen 20 maanden na indiensttreding, door het college ontvangen te zijn; bij beëindiging van het dienstverband binnen 18 maanden, dient de aanvraag binnen twee maanden na beëindiging van het dienstverband door het college ontvangen te zijn.
Lid 1
Naast een loonkostensubsidie komen ook in geval van een benadeelde werkgever scholingskosten voor subsidieverlening in aanmerking. Op grond van lid 1 kan er alleen een subsidie voor scholingskosten verstrekt worden indien er aan de betreffende werkgever ook een loonkostensubsidie wordt verstrekt.
Lid 2
In het tweede lid wordt vermeld dat voor scholingskosten maximaal een bedrag van €2.500,00 vergoed worden. Indien de scholingskosten maximaal €500,00 bedragen, hoeft de werkgever geen bewijsstukken te overleggen. Het volledige bedrag kan dan zonder meer toegekend worden. Bedragen de kosten meer dan €500,00 dan dient de werkgever bewijsstukken met betrekking tot de omvang van de kosten te overleggen.
Lid 3
Een eerder verleende subsidie voor scholingskosten kan, indien er sprake is van een overgangssituatie, in mindering worden gebracht op de nieuw aangevraagde subsidie voor scholingskosten.
Lid 4
Het vierde lid stelt nadere regels aan het moment waarop de aanvraag door het college ontvangen dient te zijn.
HOOFDSTUK 3
Artikel 19a
Subsidie voor scholing (benadeelde werknemer) door
Onderdeel van Re-integratie verordening 2012