Naar hoofdinhoud

Artikel 3

Werkwijze

Onderdeel van Verordening Commissie tot Onderzoek van de Rekening

1.. De accountant die in opdracht van de raad de concept-concernrekening certificeert, voert die werkzaamheden uit op basis van het door de raad vastgestelde programma van eisen. 2.. In het kader van haar onderzoek heeft de commissie de volgende taken: de commissie voert periodiek afstemmingsoverleg met de accountant; de commissie wordt evenals de accountant terstond door het college in kennis gesteld van alle informatie die na het opmaken van de jaarrekening en vóór de behandeling van de jaarrekening in de raad beschikbaar komt en die van invloed is op het beeld dat de jaarrekening geeft; de commissie bespreekt – voorafgaand aan de raadsbehandeling van de jaarstukken - het verslag van de bevindingen en de strekking van de accountantsverklaring met de accountant; 3.. Vragen van de commissie naar aanleiding van haar werkzaamheden worden schriftelijk aan het college voorgelegd. Het college draagt, zo mogelijk voor de eerstvolgende vergadering van de commissie, zorg voor schriftelijke beantwoording, tenzij het de voorkeur geeft aan een mondelinge beantwoording door een collegelid, dat zich door ambtenaren kan laten bijstaan. 4.. De commissie brengt haar adviezen ten behoeve van de raadsbehandeling van de in artikel 1 bedoelde stukken schriftelijk aan de raad uit. Bij elk advies, tenzij het met algemene stemmen wordt gegeven, wordt vermeld of een lid een afwijkende mening heeft. 5.. Voor een goede invulling van haar taken is de commissie in ieder geval bevoegd: zich tot een lid van het college te wenden ter verkrijging van alle stukken waarvan zij de kennisneming nodig acht voor haar werkzaamheden; tot het voeren van schriftelijk en mondeling overleg met een lid van het college; externe deskundigen in te schakelen; indien hieraan kosten zijn verbonden geschiedt dit na toestemming van het presidium. 6.. [vervallen]

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel