Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 10:

Tussentijdse wijzigingen

Onderdeel van Uitvoeringsregeling Maatwerksubsidie Woningverbetering Rotterdam 2005

1.. Indien tijdens het treffen van de voorzieningen zich de noodzaak voordoet om van het vastgestelde bouwplan af te wijken, behoeft die afwijking toestemming vooraf van burgemeester en wethouders. 2.. Burgemeester en wethouders stellen ter zake van een planafwijking als bedoeld in het eerste lid de kosten van het meer- en minderwerk vast. 3.. Toestemming als bedoeld in het eerste lid wordt slechts verleend indien: Opgegeven is tot welke andere wijzigingen de afwijking leidt in de gegevens zoals vermeld in de aanvraag; Genoegzaam is aangegeven om welke reden de afwijking noodzakelijk is; Er een gespecificeerde begroting is, of uiterlijk wordt overlegd bij de gereedmelding van de kosten die verband houden met de afwijking; Door afwijking geen strijd ontstaat met enige bepaling in deze regeling. 4.. Indien de kosten van het meer- en minderwerk niet gelijktijdig met de goedkeuring van de planafwijking kunnen worden vastgesteld, draagt de aanvrager het risico dat deze niet worden meegenomen in de subsidieaanvraag. 5.. Indien zonder voorafgaand toestemming van burgemeester en wethouders van het bouwplan wordt afgeweken, worden de hiermee samenhangende kosten van het meerwerk niet gerekend tot de kosten van de voorziening en evenmin gecompenseerd met kostenbesparingen als gevolg van eventueel minderwerk. 6.. Burgemeester en wethouders beslissen binnen dertig dagen na ontvangst van een verzoek tot afwijking.

Rechtspraak bij dit artikel