Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 7:

hoogte van de subsidie

Onderdeel van Uitvoeringsregeling Maatwerksubsidie Woningverbetering Rotterdam 2005

1.. In geval van prestatiesubsidie gelden de volgende bepalingen: De prestatiesubsidie bedraagt een door burgemeester en wethouders te bepalen percentage van de kosten van de te treffen voorzieningen dan wel een door burgemeester en wethouders te bepalen geldsom; Burgemeester en wethouders kunnen een maximum bedrag aan subsidie vaststellen; Burgemeester en wethouders kunnen bepalen dat de kosten voor het treffen van de voorzieningen alleen worden gesubsidieerd wanneer ze meer bedragen dan een door burgemeester en wethouders te specificeren minimum bedrag. 2.. In geval van laag rentende lening gelden de volgende bepalingen: De hoogte van de laagrentende lening wordt bepaald aan de hand van de goedgekeurde kosten van de te treffen voorzieningen tot een door burgemeester en wethouders te bepalen maximum bedrag; De looptijd van de laagrentende lening en het kortingspercentage wordt door burgemeester en wethouders vastgesteld; Burgemeester en wethouders kunnen een lening weigeren indien de financiële situatie van de aanvrager zodanig is dat niet verwacht kan worden dat deze aan de betalingsverplichtingen die voortvloeien uit de lening kan voldoen. 3.. Het college van burgemeester en wethouders kan voor bedrijfsruimtes een afwijkend subsidieregime laten gelden.

Rechtspraak bij dit artikel