Naar hoofdinhoud
1.. Het college legt een onderhoudsplicht op aan eigenaren die gebruik hebben gemaakt van de in artikel 4, eerste lid, genoemde financieringsproducten. 2.. Na het treffen van de voorzieningen en voorafgaand aan de afgifte van een vaststellingsbeschikking wordt door een daartoe door het college aangewezen instantie een bouwtechnisch rapport opgemaakt. De bouwtechnische rapporten worden opgemaakt volgens een door het college vastgesteld model. 3.. De eigenaar wordt geacht voor een periode van vijftien jaar, gerekend vanaf de afronding van de werkzaamheden, het monument ten minste in de technische staat te houden zoals vastgelegd in het bouwtechnisch rapport als bedoeld in het tweede lid. 4.. Elke vijf jaar, voor het eerst vijf jaar na vastlegging van het bouwtechnisch rapport als bedoeld in het tweede lid, wordt in opdracht van het college wederom een bouwtechnisch rapport opgemaakt. 5.. Indien uit de bouwtechnische rapporten, zoals bedoeld in het vierde lid, blijkt dat niet aan de in het derde lid van dit artikel bedoelde onderhoudsverplichting wordt voldaan, zal het college kunnen besluiten: te eisen dat de bouwtechnische staat van het monument binnen acht weken na mededeling van het verzuim aan de eigenaar op kosten van de eigenaar op het niveau van het in het tweede lid bedoelde bouwtechnisch rapport wordt gebracht; de vaststellingsbeschikking in te trekken en de eigenaar te verplichten het restant aan financieringsverplichting terstond en volledig af te lossen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel