Naar hoofdinhoud

Artikel 3

Voorwaarden tegemoetkoming

Onderdeel van Verordening fractieondersteuning 2006

1.. De tegemoetkoming dient aangewend te worden ter bekostiging van personele, materiële of andere kosten die verband houden met ondersteuning van de fractie ten behoeve van het raadswerk. 2.. De tegemoetkoming wordt niet aangewend voor: uitgaven in strijd met wettelijke bepalingen; bijdragen aan politieke partijen, politieke partijen verbonden instellingen of natuurlijke personen anders dan ter vergoeding van prestatie (goederen en/of diensten) geleverd ten behoeve van de fractie op basis van een gespecificeerde, reële declaratie; uitgaven welke bekostigd dienen te worden uit de vergoedingen die de raadsleden bij of krachtens de Gemeentewet ontvangen; uitgaven aan raadsleden voor werkzaamheden die zij als beleidsmedewerker of anderszins in opdracht van een fractie verrichten; het doen van giften; uitgaven ten behoeve van buitenlandse reizen; uitgaven ten behoeve van de verkiezing of herverkiezing van raadsleden; uitgaven die geheel of gedeeltelijk in het belang zijn of worden geacht van politieke partijen dan wel daaraan verbonden instellingen of natuurlijke personen. 3.. Gemengde kosten kunnen volledig worden bekostigd uit de tegemoetkoming, indien het fractieaandeel in deze kosten 80% of meer bedraagt. Ingeval het fractieaandeel lager is dan deze grens, wordt het partijaandeel verrekend. 4.. Voor alle uitgaven geldt, dat deze afdoende worden afgedekt door onderliggende bescheiden, zijnde gespecificeerde declaraties waarbij de functionele aanleiding is aangegeven.

Rechtspraak bij dit artikel