**1..** In de beleidsregels als bedoeld in artikel 3, tweede lid wordt
vastgelegd welke voorzieningen het bestuur in ieder geval kan
aanbieden alsmede de voorwaarden die daarbij gelden voor zover
daarover in deze verordening geen nadere bepalingen zijn opgenomen.
**2..** Voorzieningen zijn in de beleidsregels gerangschikt volgens de
systematiek van de participatieladder van de Vereniging Nederlandse
Gemeenten. In afwijking van de vorige zin, kunnen voorzieningen ten
behoeve van personen jonger dan 27 op andere wijze worden
gerangschikt.
**3..** Het bestuur kan, in aanvulling op de verplichtingen die voortvloeien
uit de wet en deze verordening, aan een voorziening nadere
verplichtingen verbinden.
**4..** Het bestuur kan een voorziening beëindigen:
indien de persoon die aan de voorziening deelneemt zijn
verplichting als bedoeld in de wet en artikel 5 lid 2 van
deze verordening niet nakomt;
indien de persoon die deelneemt niet meer behoort tot de
doelgroep als genoemd in artikel 1, lid 2 g, h en i;
indien de persoon algemeen geaccepteerde arbeid aanvaardt,
waarbij geen gebruik wordt gemaakt van deze
voorziening;
indien naar het oordeel van het bestuur de voorziening
onvoldoende bijdraagt aan participatie, arbeidsinschakeling
of het kunnen volgen van uit ’s Rijks kas bekostigd
onderwijs.
**5.** Het bestuur kan ten aanzien van de voorzieningen, bedoeld in deze
verordening beleidsregels stellen. Deze regels hebben betrekking
op:
de voorwaarden waaronder een voorziening wordt
aangeboden;
de weigeringsgronden bij het aanbieden van
voorzieningen;
de intrekking of wijziging van de subsidieverlening of –
vaststelling;
de aanvraag van de besluitvorming over subsidies;
de betaling van subsidies en het verlenen van
voorschotten;
overige criteria voor het aanbieden van voorzieningen en het
verstrekken van subsidies.
Paragraaf 3
Artikel 7.
Algemene bepalingen over voorzieningen
Onderdeel van Re-integratieverordening Wet werk en bijstand