Burgemeester en wethouders kunnen ten laste van het budget genoemd in artikel 11, vierde lid, uitgaven doen ten behoeve van de volkshuisvesting.
Burgemeester en wethouders kunnen voor de uitvoering van dit artikel nadere regels stellen.
Burgemeester en wethouders geven geen toepassing aan het bepaalde in het eerste en tweede lid dan na het horen van de commissie volkshuisvesting en volksgezondheid, alsmede het Samenwerkingsorgaan Volkshuisvesting.