**1.** In deze verordening wordt verstaan onder:
a. de wet: de Wet werk en bijstand (Staatsblad 2010, 840).
b. algemene bijstand: de bijstand bedoeld in artikel 5, onderdeel b, van de wet;
c. bijzondere bijstand: de bijstand bedoeld in artikel 5, onderdeel d, van de wet;
d. bijstand: algemene en bijzondere bijstand;
e. langdurigheidstoeslag: de langdurigheidstoeslag bedoeld in artikel 5, onderdeel e, van de wet;
f. bijstandsnorm: de bijstandsnorm bedoeld in artikel 5, onderdeel c, van de wet;
g. maatregel: het verlagen van de bijstand of de langdurigheidstoeslag op grond van artikel 18, tweede lid, van de wet;
h. wet Suwi: de Wet structuur uitvoeringsorganisaties werk en inkomen (Staatsblad 2010, 867).
i. college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Noord-Beveland.
j. belanghebbende: degene, waaronder ook wordt verstaan diens gezin, wiens belang rechtstreeks bij een besluit is betrokken.
k. benadelingsbedrag: het netto bedrag dat als gevolg van het niet of niet behoorlijk nakomen van de inlichtingenverplichting ten onrechte is verleend als bijstand.
l. recidive: van recidive is sprake indien de belanghebbende zich binnen de gegeven recidiveperiode ná het moment van bekendmaking van een besluit waarbij een maatregel is opgelegd, opnieuw schuldig maakt aan een verwijtbare gedraging van dezelfde of hogere categorie; met een besluit waarmee een maatregel is opgelegd wordt gelijkgesteld het besluit om daarvan af te zien op grond van dringende redenen, bedoeld in artikel 6, tweede lid;
m. Bbz: het Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004 (Staatsblad 2010, 855).
**2.** Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de WWB en de Algemene wet bestuursrecht.
Hoofdstuk 1
Artikel 1
Begripsomschrijvingen
Onderdeel van Afstemmingsverordening Wet werk en bijstand Noord-Beveland 1 oktober 2011