Onverminderd artikel 2, tweede lid, wordt de maatregel behorend bij de in artikel 9 vermelde
categorieën vastgesteld op:
Categorie 1:
- eerste keer: 0% van de uitkeringsnorm en waarschuwing;
- bij 1e recidive: 10% van de uitkeringsnorm gedurende 1 maand;
- bij herhaalde recidive: verhoging van het eerder opgelegde percentage met 10% van de uitkeringsnorm;
- recidiveperiode 12 maanden.
Categorie 2:
- eerste keer: 20% van de uitkeringsnorm gedurende 1 maand;
- bij 1e recidive: 40% van de uitkeringsnorm gedurende 1 maand;
- bij herhaalde recidive: verhoging van het eerder opgelegde percentage met 20% van de uitkeringsnorm;
- recidiveperiode 24 maanden.
Categorie 3:
- eerste keer: 100% van de uitkeringsnorm gedurende 1 maand;
- bij 1e recidive: 100% van de uitkeringsnorm gedurende 2 maanden;
- bij herhaalde recidive wordt een individueel besluit genomen met als uitgangspunt het opleggen van een maatregel van 100% van de uitkeringsnorm gedurende minimaal 3 maanden;
- recidiveperiode: 36 maanden.
Categorie 4:
- eerste keer : 100% van de uitkeringsnorm gedurende 3 maanden;
- bij recidive wordt een individueel besluit genomen met als uitgangspunt het opleggen van een maatregel van 100% van de uitkeringsnorm gedurende minimaal 3 maanden;
- recidiveperiode: 36 maanden.
Hoofdstuk 2
Artikel 10
De hoogte van de maatregel
Onderdeel van Afstemmingsverordening IOAW en IOAZ gemeente Noord-Beveland