Naar hoofdinhoud
1.. Het dagelijks bestuur stelt jaarlijks vóór 1 april een ontwerpbegroting op voor het volgende kalenderjaar en zendt deze terstond, voorzien van een toelichting, aan de colleges en via deze aan de raden van de deelnemers. 2.. De deelnemers kunnen het dagelijks bestuur uiterlijk voor 1 juni van hun zienswijze over de ontwerpbegroting toesturen. 3.. Het dagelijks bestuur zendt zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk 15 juni, de ontwerpbegroting, de opmerkingen van de deelnemers en zo nodig een nota van wijzigingen aan het algemeen bestuur. 4.. Het algemeen bestuur stelt de begroting vóór 1 juli vast en zendt terstond afschriften aan de deelnemers. 5.. Het dagelijks bestuur zendt de vastgestelde begroting vóór 15 juli aan gedeputeerde staten.

Rechtspraak bij dit artikel