Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk › Paragraaf

Artikel 9

Agenda

Onderdeel van Reglement van orde voor de raadsvergaderingen

De voorzitter zendt tenminste 14 dagen vóór een vergadering de leden van de raad een schriftelijke oproep onder vermelding van dag, tijdstip en plaats van de vergadering. Deze schriftelijke oproep bevat ook een lijst van door de raad en het college aangemelde voorlopige agendapunten. De agendacommissie stelt de voorlopige agenda van de vergadering vast. Indien de agendacommissie besluit door het college aangemelde agendapunten niet op te voeren, meldt de voorzitter van de raad dit zo spoedig mogelijk aan het college. De voorlopige agenda met de bijbehorende stukken wordt tenminste 7 dagen vóór de raadsvergadering verzonden. Bij aanvang van de vergadering stelt de raad de agenda vast. Op voorstel van een lid van de raad of de voorzitter kan de raad bij de vaststelling van de agenda onderwerpen aan de agenda toevoegen of van de agenda afvoeren. Wanneer de raad een onderwerp onvoldoende voor de openbare beraadslaging voorbereid acht, kan hij het onderwerp verwijzen naar een commissie of aan het college nadere inlichtingen of advies vragen. Op voorstel van een lid van de raad of van de voorzitter kan de raad de volgorde van behandeling van de agendapunten wijzigen.

Rechtspraak bij dit artikel