Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 5

Verplichtingen

Onderdeel van Re-integratieverordening WWB, IOAW en IOAZ 2012

1.. de uitkeringsgerechtigde is vanaf de dag van de melding bij het UWV WERKbedrijf verplicht: te proberen om naar vermogen algemeen geaccepteerde arbeid te krijgen, zodat hij niet meer afhankelijk is van een uitkering; ervoor te zorgen dat hij geregistreerd is en blijft als werkzoekende bij het UWV WERKbedrijf; algemeen geaccepteerde arbeid te aanvaarden; na te laten wat arbeidsinschakeling betreft; mee te werken aan een onderzoek naar de geschiktheid voor scholing of opleiding en aan scholing of een opleiding die het college noodzakelijk acht; een re-integratieovereenkomst tijdig ten minste voor gezien te ondertekenen. Deze overeenkomst is opgesteld door het college of een door het college aangewezen partner; beschikbaar te zijn voor voorzieningen die het college aanbiedt en mee te werken aan het verkrijgen van die voorzieningen, daarvan gebruik te maken en gehoor te geven aan een oproep van het college of aangewezen partner om daarvoor op een aangegeven tijd en plaats te verschijnen; als dat van toepassing is, mee te werken aan het opstellen, uitvoeren en evalueren van een plan van aanpak zoals bedoeld in de artikelen 9 en 44a van de wet. 2.. De persoon uit de doelgroep die geen uitkering ontvangt, is vanaf de dag van de melding bij het UWV WERKbedrijf verplicht; te proberen om naar vermogen algemeen geaccepteerde arbeid te krijgen; ervoor te zorgen dat hij geregistreerd is en blijft als werkzoekende bij het UWV WERK-bedrijf; algemeen geaccepteerde arbeid te aanvaarden; na te laten wat arbeidsinschakeling belemmert; mee te werken aan een onderzoek naar de geschiktheid voor scholing of opleiding en aan scholing of een opleiding die het college noodzakelijk acht; een re-integratieovereenkomst tijdig ten minste voor gezien te ondertekenen. Deze overeenkomst is opgesteld door het college of een door het college aangewezen partner; beschikbaar te zijn voor voorzieningen die het college aanbiedt en mee te werken aan het verkrijgen van die voorzieningen, daarvan gebruik te maken en gehoor te geven aan een oproep van het college of aangewezen partner om daarvoor op een aangegeven tijd en plaats te verschijnen. 3.. De persoon die ondersteuning krijgt bij arbeidsinschakeling en deelneemt aan een voorziening, is gehouden aan de verplichtingen die voortvloeien uit de wet, de IOAW, de IOAZ, de Wet structuur uitvoering werk en inkomen, deze verordening en aan de verplichtingen die het college aan de aangeboden voorziening heeft verbonden. 4.. Voldoet een uitkeringsgerechtigde niet aan wat er in het eerste en derde lid staat? Dan verlaagt het college de uitkering op basis van wat hierover is bepaald in de Maatregelenverordening. 5.. Voldoet een persoon die geen uitkeringsgerechtigde is niet aan wat er in het tweede en derde lid staat? Dan kan het college de kosten van de voorziening of de subsidie geheel of gedeeltelijk terugvorderen. 6.. Het college kan in individuele gevallen ontheffing verlenen van de verplichtingen die in het eerste en tweede lid van dit artikel staan. 7.. Het college kan nadere regels stellen voor de uitvoering van het eerste, tweede en vijfde lid van dit artikel.

Rechtspraak bij dit artikel