1. De maatregel wordt vastgesteld op:
10% van de WIJ-norm bij gedragingen van de eerste categorie;
20% van de WIJ-norm bij gedragingen van de tweede categorie.
2. De duur van de maatregel bedoeld in het eerste lid wordt vastgesteld op een maand.
3. In afwijking van het vorige lid kan de duur van de maatregel worden verdubbeld, indien de
belanghebbende zich binnen twaalf maanden na bekendmaking van een besluit waarbij een
maatregel is opgelegd, opnieuw schuldig maakt aan een verwijtbare gedraging van dezelfde of
hogere categorie.
4. Met een besluit waarmee een maatregel is opgelegd wordt gelijkgesteld het
besluit om daarvan af te zien op grond van dringende redenen, bedoeld in artikel 2.5 tweede lid.
HOOFDSTUK 3.
Artikel 3:2
– De hoogte en duur van de maatregel
Onderdeel van Maatregelverordening Wet investering in jongeren 2010