Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk IV

Artikel 16.

Executoriaal beslag en kosten-doorberekening bij verwijtbare niet-nakoming van de betalingsverplichting door een niet-bijstandsgerechtigde

Onderdeel van Beleidsregels Invordering Wet werk en bijstand (WWB) gemeente Vught

1.. Indien een (niet-)bijstandsgerechtigde een opgelegde betalingsverplichting verwijtbaar niet dan wel niet-volledig dan wel niet-tijdig nakomt, wordt hij geacht in verzuim te zijn. 2.. Indien een niet-bijstandsgerechtigde in verzuim is, wordt belanghebbende éénmalig aangemaand tot nakoming van zijn betalingsverplichtingen. 3.. Indien de niet-bijstandsgerechtigde geen gevolg geeft aan de aanmaning als bedoeld in het tweede lid, is het college bevoegd tot het treffen van executiemaatregelen, waaronder begrepen executoriaal beslag overeenkomstig artikel 479b tot en met 479g RV. 4.. In afwijking van het gestelde in het derde lid, gaat het college bij de niet-nakoming van de verplichtingen in het kader van de aflossing van leenbijstand over tot opzegging van de leningsovereenkomst en tot het nemen van een terugvorderingsbesluit als bedoeld in artikel 58, eerste lid, sub b WWB. Daarna gaat het college zo spoedig mogelijk over tot het treffen van executiemaatregelen ter veiligstelling van haar rechten. 5.. Indien het college de vordering overdraagt aan een derde die beroepsmatig belast is met de invordering, dan worden de door de derde gemaakte kosten, mits is voldaan aan alle in artikel 9 opgenomen voorwaarden, doorberekend aan belanghebbende. Daarnaast blijft het college bevoegd tot het in rekening brengen van rente op grond van artikel 8 van deze beleidsregels.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel