**1.** Aan de uitkeringsgerechtigde van 27 tot 65 jaar, wordt op basis van de in het vierde lid van dit artikel genoemde wetgeving:
een algemene vrijlating verleend van een kostenvergoeding voor het verrichten van vrijwilligerswerk, ter hoogte van de in dat artikel genoemde (lage) vrijlatingsgrens;
een vrijlating verleend van een kostenvergoeding voor het verrichten van vrijwilligerswerk, in het kader van een voorziening gericht op arbeidsinschakeling, ter hoogte van de in dat artikel genoemde (hoge) vrijlatingsgrens.
**2.** De in het eerste lid onder b bedoelde vrijlating is van toepassing als het vrijwilligerswerk naar ons oordeel in het kader van een voorziening bijdraagt aan de arbeidsinschakeling.
**3.** De vrijlating wordt verleend voor maximaal twee jaar.
**4.** Deze vrijlating vindt zijn grondslag in artikel 31, tweede lid, onder k WWB, artikel 7, onder h van de ministeriele Regeling WWB, artikel 8, derde lid IOAW, artikel 8, vierde lid IOAZ en artikel 2:8, eerste lid, onder c van het Algemeen inkomensbesluit sociale zekerheidswetten.
Hoofdstuk 3
Artikel 8
Vrijlating kostenvergoeding vrijwilligerswerk
Onderdeel van Richtlijn Premies en Vrijlatingen 2012