Indien een belanghebbende de verplichting op grond van artikel 17 WWB, artikel 44 IOAW of artikel 44 IOAZ niet is nagekomen door informatie die van belang is voor de verlening van bijstand of de voortzetting daarvan niet binnen de door het college daartoe gestelde termijn te verstrekken, wordt met toepassing van artikel 54 WWB, artikel 17a IOAW of 17a IOAZ een maatregel opgelegd van vijf procent van de bijstandsnorm gedurende een maand, onverminderd artikel 2, tweede lid.
De duur van de maatregel wordt verdubbeld, indien de belanghebbende zich binnen twaalf maanden na bekendmaking van een besluit waarbij een maatregel wordt opgelegd opnieuw schuldig maakt aan dezelfde als verwijtbare aan te merken gedraging. Met een besluit waarmee een maatregel is opgelegd wordt gelijkgesteld het besluit om daarvan af te zien op grond van dringende redenen, bedoeld in artikel 6, tweede lid.
Van het opleggen van een maatregel als bedoeld in het eerste lid van artikel 11 en 12 kan worden afgezien indien het niet of niet behoorlijk nakomen van de verplichting geen gevolgen heeft (gehad) voor de hoogte van de uitkering. In dat geval kan worden volstaan met het geven van een waarschuwing. Een waarschuwing wordt niet gegeven, als het niet of niet behoorlijk nakomen van de verplichting plaatsvindt binnen twaalf maanden na bekendmaking van het besluit waarbij een waarschuwing is gegeven of een maatregel is opgelegd voor eenzelfde als verwijtbaar aan te merken gedraging. Met een besluit waarmee een maatregel is opgelegd wordt gelijkgesteld het besluit om daarvan af te zien op grond van dringende redenen, als bedoeld in artikel 6 lid 2 van deze verordening.
.
Hoofdstuk 3.
Artikel 11.
Te laat verstrekken van inlichtingen
Onderdeel van Afstemmingsverordening WWB, IOAW en IOAZ van de gemeente Deventer