Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5

Artikel 30

Het recht op individuele vervoersvoorzieningen en het primaat van de algemene voorziening

Onderdeel van Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Bergen 2012

1. Een persoon met beperkingen kan voor de in artikel 27 onderdeel b vermelde voorziening in aanmerking worden gebracht indien: a. aantoonbare beperkingen het gebruik en/of het bereiken van het openbaar vervoer onmogelijk maken; b. het gebruik van een algemene voorziening als bedoeld in artikel 27 onderdeel a geen compenserende oplossing biedt of niet beschikbaar is. 2. Een persoon met beperkingen kan voor de in artikel 27 onderdeel c tot en met j vermelde voorzieningen in aanmerking worden gebracht indien: a. aantoonbare beperkingen het gebruik en/of het bereiken van het openbaar vervoer onmogelijk maken; b. het gebruik van een algemene voorziening als bedoeld in artikel 27 onderdeel a geen compenserende oplossing biedt of niet beschikbaar is, en; c. het gebruik van een collectieve vervoersvoorziening als bedoeld in artikel 27 onderdeel b niet mogelijk is. 3. In afwijking van lid 2 kunnen de in artikel 27 onderdeel f, g, h en i vermelde voorzieningen in aanvulling op de collectieve vervoersvoorziening worden verstrekt, indien sprake is van uiterst beperkte mobiliteit.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel