Naar hoofdinhoud

Artikel 7

Verboden gedragingen

Onderdeel van Koninginnedagverordening

1.. Het is een ieder verboden om op 30 april 2012 vanaf 05:00 uur: zich binnen het gebied, gelegen binnen de veiligheidsringen 1 tot en met 4, zoals aangegeven op de bij deze verordening behorende plattegrond, te gedragen met het kennelijke doel de openbare orde en veiligheid te verstoren of zich zodanig te gedragen dat redelijkerwijs kan worden aangenomen dat daardoor de openbare orde kan worden verstoord of de veiligheid in gevaar kan worden gebracht; binnen het gebied, gelegen binnen de veiligheidsringen 1 tot en met 4, zoals aangegeven op de bij deze verordening behorende plattegrond, voorwerpen of stoffen bij zich te hebben, te dragen of te vervoeren, die bestemd zijn, of kunnen worden gebruikt, om de openbare orde te verstoren of de veiligheid in gevaar te brengen; binnen het gebied, gelegen binnen de veiligheidsringen 1 tot en met 4, zoals aangegeven op de bij deze verordening behorende plattegrond, bivakmutsen, helmen, sjaals of andere middelen voor handen te hebben, te dragen of te gebruiken met het kennelijke doel om herkenning te bemoeilijken; racistische, beledigende dan wel aanstootgevende uitingen mee te voeren en/of te roepen; 2.. Bij constatering van een overtreding, als bedoeld in dit artikel, kunnen de met toezicht en handhaving van deze verordening belaste ambtenaren, daartoe vorderingen geven, waaronder in ieder geval het bevel zich te verwijderen uit het gebied dat wordt bestreken door de veiligheidsringen 1 tot en met 4; 3.. Indien geen medewerking wordt of kan worden verleend aan de in het tweede lid genoemde vorderingen, kunnen de in het vijfde lid genoemde ambtenaren, op kosten en risico van de houder van het object, in het nodige voorzien.

Rechtspraak bij dit artikel