Deze verordening verstaat onder:
uitkering: een periodieke uitkering voor levensonderhoud op grond van de Abw, de Ioaw of de Ioaz;
uitkeringsgerechtigde: degene die een uitkering ontvangt. In het geval sprake is van een gezamenlijke huishouding zoals genoemd in artikel 3 van de Abw, wordt onder uitkeringsgerechtigde tevens de partner verstaan waarmee de gezamenlijke huishouding wordt gevormd;
arbeidsovereenkomst in het kader van gesubsidieerde arbeid: een arbeidsovereenkomst als bedoeld in de Wet inschakeling werkzoekenden (Wiw), in het Besluit in- en doorstroombanen (ID-banen) en in de Wet sociale werkvoorziening (Wsw);
maatschappelijk nuttige activiteiten: onbetaalde activiteiten, die door het college van burgemeester en wethouders voor de uitkeringsgerechtigde noodzakelijk worden geacht uit een oogpunt van sociale activering;
norm: hoogte van de Abw-uitkering als aangegeven in de artikelen 29 tot en met 38 van de Abw dan wel de hoogte van de Ioaw- en Ioaz-uitkering als aangegeven in de artikelen 5 en 8 tot en met 10 van de Ioaw en
Ioaz.
Hoofdstuk 1
Artikel 1
Begripsomschrijving
Onderdeel van Verordening subsidiebeleid Wiw en vrijlating van inkomsten Abw, Ioaw en Ioaz gemeente Asten, 2002