Naar hoofdinhoud
Geactiveerde kosten voor onderzoek en ontwikkeling voor een bepaald actief en het saldo van agio en disagio worden lineair in maximaal 5 jaar afgeschreven. Kosten voor het afsluiten van geldleningen groter dan €. 25.000,- worden in maximaal 5 jaar afgeschreven. Kosten voor het afsluiten van overige geldleningen worden direct ten laste van de exploitatie gebracht. De materiële vaste activa met economisch nut worden lineair afgeschreven in maximaal: 40 jaar: nieuwbouw woonruimten en schoolgebouwen; 25 jaar: rioleringen; 25 jaar: renovatie, restauratie en aankoop woonruimten en bedrijfsgebouwen; 15 jaar: technische installaties in bedrijfsgebouwen; 10 jaar: veiligheidsvoorzieningen bedrijfsgebouwen; telefooninstallaties; kantoormeubilair; schoolmeubilair; nieuwbouw tijdelijke woonruimten en bedrijfsgebouwen; 7 jaar: zware transportmiddelen; aanhangwagens; schuiten; personenauto’s; lichte motorvoertuigen; automatiseringsapparatuur; niet: gronden en terreinen. De afschrijving van de investeringen onder a tot en met e, behoudens rioleringen, start op 1 januari van het jaar volgend op de datum van gereedmelden van de investering. De afschrijving van de investeringen onder f start met ingang van de maand volgende op de datum van aanschaffing. De werkelijke afschrijvingstermijnen worden in de bijlage bij de begroting gespecificeerd opgenomen, waarbij als uitgangspunt geldt de economische levensduur. De raad kan bij afzonderlijk besluit bepalen dat een actief annuïtair wordt afgeschreven. Aankoop en vervaardiging van activa met een meerjarig maatschappelijk nut worden onder aftrek van bijdragen van derden ten laste van de exploitatie gebracht. Indien hiervan bij raadsbesluit wordt afgeweken, wordt het actief lineair afgeschreven over de verwachte levensduur van het actief of een kortere door de raad aan te geven tijdsduur.

Rechtspraak bij dit artikel