Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 14

Handhaving

Onderdeel van Verordening op het Stads- en Landschapsschoon

1.. Als bij herstel of onderhoud van een reeds bestaande toestand de betreffende onroerende zaak en/of de omgeving in ernstige mate wordt/worden ontsierd, is de eigenaar of de gebruiker van de zaak verplicht op schriftelijke last van burgemeester en wethouders die maatregelen te treffen, welke voor deze opheffing van de ontsiering worden voorgeschreven. 2.. De door burgemeester en wethouders volgens het vorige lid te geven voorschriften mogen alleen de kleur van de materialen, het materiaal zelf en de wijze van de daarmede uit te voeren bewerking betreffen. 3.. Als burgemeester en wethouders bij aanschrijving te kennen hebben gegeven, dat het bouwwerk niet in dezelfde kleuren opnieuw mag worden geverfd, gesausd of bepleisterd, is voor het verven, sausen of bepleisteren eveneens een vergunning van burgemeester en wethouders vereist.

Rechtspraak bij dit artikel