Als een belanghebbende een tekortschietend besef van verantwoordelijkheid voor de voorziening in het bestaan heeft getoond, als bedoeld in artikel 18, tweede lid, artikel 55 en artikel 57, lid a van de WWB, wordt een maatregel opgelegd gedurende één maand, waarbij de hoogte wordt bepaald aan de hand van het benadelingbedrag. Hierbij wordt het volgende onderscheid gemaakt:
tot € 5.000,--: 5% van de bijstandsnorm;
van € 5.000,-- tot € 10.000,--: 10% van de bijstandsnorm;
van € 10.000,-- tot € 20.000,--: 20% van de bijstandsnorm;
van € 20.000,-- tot € 30.000,--: 40% van de bijstandsnorm;
van € 30.000,-- tot € 40.000,--: 60% van de bijstandsnorm;
van € 40.000,-- tot € 50.000,--: 80% van de bijstandsnorm;
vanaf € 50.000,--: 100% van de bijstandsnorm.